Eerste laag laat los bij 3D-printen? Check deze 3 dingen
Een goede eerste laag is de basis van bijna iedere geslaagde 3D-print. Als je eerste laag niet goed aan het printbed hecht, kunnen de hoeken omhoogkomen, kan je print verschuiven of kan het hele model uiteindelijk loskomen.
Gelukkig betekent slechte bedhechting niet meteen dat er iets mis is met je printer of filament. Als mijn eerste laag niet goed hecht, zijn er drie dingen die ik als eerste controleer: het printbed, de Z-offset en de temperatuur.
In deze blog leg ik uit waar je op kunt letten en waarom deze drie punten zoveel invloed hebben op je eerste laag.
Waarom is een goede eerste laag zo belangrijk?
De eerste laag vormt letterlijk de basis waarop de rest van je model wordt opgebouwd. Wanneer deze laag niet goed aan het printbed hecht, heeft de rest van de print daar direct last van.
Een goede eerste laag moet gelijkmatig op het printbed liggen en voldoende contact maken met het oppervlak. De afzonderlijke lijnen moeten netjes naast elkaar liggen en goed aansluiten.
Zie je dat filament nauwelijks aan het bed blijft zitten, wordt het door de nozzle meegesleept of beginnen de hoeken na een tijdje omhoog te komen? Dan is het tijd om een aantal dingen te controleren.
1. Maak je printbed goed schoon
Dit is een van de eerste dingen die ik controleer wanneer een print ineens niet meer goed wil hechten.
Ook als een printbed er schoon uitziet, kunnen er vet, stof en andere resten op zitten. Alleen al door het printoppervlak met je vingers aan te raken, kan er vet op terechtkomen.
Dat kan de hechting van je eerste laag beïnvloeden.
Hoe maak je een printbed schoon?
haal het bed van de printer en maak het goed schoon met water en een beetje afwasmiddel, zoals Dreft.
Spoel het vervolgens goed af en laat het volledig drogen voordat je het terugplaatst.
Voor een snelle reiniging kan isopropylalcohol (IPA) op veel geschikte printoppervlakken ook handig zijn om bijvoorbeeld vet te verwijderen.
Let daarbij wel op de voorschriften van de fabrikant van jouw printbed. Niet ieder printoppervlak moet op dezelfde manier worden gereinigd.
Tip: probeer het printoppervlak na het schoonmaken zo min mogelijk met je vingers aan te raken.
2. Controleer je Z-offset
Is je printbed schoon, maar hecht de eerste laag nog steeds niet goed? Dan kijk ik vervolgens naar de Z-offset.
De Z-offset bepaalt hoe de hoogte van de nozzle zich verhoudt tot het printbed tijdens de eerste laag.
Z-offset staat te hoog
Wanneer de nozzle te ver van het printbed staat, wordt het filament onvoldoende tegen het oppervlak gedrukt.
Je kunt dan bijvoorbeeld zien dat de geprinte lijnen erg rond blijven en niet goed op elkaar aansluiten. In ernstigere gevallen blijft het filament nauwelijks liggen en wordt het door de nozzle meegesleept.
Z-offset staat te laag
Te laag is ook niet goed.
Wanneer de nozzle te dicht op het printbed staat, wordt het filament te sterk platgedrukt. De eerste laag kan hierdoor te dun worden en de nozzle kan het materiaal tijdens het printen als het ware wegdrukken.
In het uiterste geval wil je natuurlijk ook voorkomen dat de nozzle daadwerkelijk over het printoppervlak schuurt.
Het doel is dus niet simpelweg “zo dicht mogelijk op het bed”, maar een afstand waarbij het filament gelijkmatig wordt neergelegd en voldoende contact maakt met het printoppervlak.
3. Let op de bed- én omgevingstemperatuur
Temperatuur is het derde punt dat ik controleer.
Gebruik een bedtemperatuur die past bij het filament dat je print én bij het gebruikte printoppervlak. Maar kijk niet alleen naar de ingestelde temperatuur van het verwarmde bed.
De omgeving rondom je printer kan namelijk ook invloed hebben.
Een koude ruimte, tocht of sterke temperatuurschommelingen kunnen ervoor zorgen dat een print plaatselijk sneller afkoelt.
Wanneer kunststof afkoelt, kan het krimpen. Hierdoor kunnen spanningen in het geprinte onderdeel ontstaan. Een bekend gevolg hiervan is dat de hoeken van een print omhoog beginnen te trekken. Dit wordt vaak warping genoemd.
In ernstigere gevallen kan een groter gedeelte van de print uiteindelijk loskomen van het printbed.
Vooral ABS is gevoelig voor temperatuurverschillen
Bij sommige materialen speelt dit sterker dan bij andere. ABS is bijvoorbeeld relatief gevoelig voor afkoeling en tocht.
Print je met ABS, dan wordt een stabiele omgevingstemperatuur daarom extra belangrijk. Een enclosure kan daarbij helpen doordat de lucht rondom de print minder snel afkoelt en tocht wordt beperkt.
Ook bij andere materialen is het verstandig om te voorkomen dat je printer bijvoorbeeld direct naast een open raam, buitendeur of andere sterke koude luchtstroom staat.
Hoe herken je waarom je eerste laag loslaat?
Het uiterlijk van de eerste laag kan je al veel vertellen.
Filament blijft nauwelijks liggen: controleer eerst of het printbed schoon is en of de nozzle niet te hoog staat.
Eerste laag wordt extreem platgedrukt: controleer of de Z-offset niet te laag staat.
De eerste laag begint goed, maar later trekken vooral de hoeken omhoog: kijk onder andere naar bedtemperatuur, omgevingstemperatuur, tocht en het materiaal dat je gebruikt.
Het is verstandig om steeds één instelling tegelijk te veranderen. Wanneer je tegelijkertijd je Z-offset, temperaturen en andere instellingen aanpast, wordt het lastig om te ontdekken wat het probleem daadwerkelijk heeft opgelost.
Vergeet ook je filament en printerinstellingen niet
Een schoon printbed, goede Z-offset en stabiele temperatuur lossen veel problemen met de eerste laag op, maar ze zijn natuurlijk niet de enige mogelijke oorzaken.
Ook het type filament, de staat van het filament, de eerste-laagsnelheid, temperatuurinstellingen, bed leveling en het gebruikte printoppervlak kunnen invloed hebben.
Daarom is het belangrijk om niet blind instellingen van iemand anders over te nemen. Een instelling die uitstekend werkt op de ene printer en het ene printoppervlak hoeft op een andere combinatie niet hetzelfde resultaat te geven.
Begin bij de basis en verander vervolgens stap voor stap wat nodig is.
Samengevat: eerste laag laat los? Begin bij de basis
Wanneer mijn eerste laag niet goed hecht, controleer ik eerst deze drie punten:
1. Is het printbed schoon en vetvrij?
Vuil en vet kunnen een goede hechting in de weg zitten.
2. Staat de Z-offset goed?
Niet te hoog, maar ook niet te laag. Het filament moet netjes en gelijkmatig tegen het printbed worden gelegd.
3. Zijn de temperaturen en printomgeving stabiel?
Let naast de bedtemperatuur ook op tocht, een koude ruimte en andere temperatuurschommelingen.
Ga deze punten één voor één langs voordat je allerlei andere instellingen begint te veranderen. Vaak zit de oplossing uiteindelijk in iets relatief eenvoudigs.
Een goede eerste laag maakt de rest van je print een stuk makkelijker. 👌
Reacties